Columns

De Koning van Wezel
Vliegenmeppers

Auteur Jan Ruigrok
Datum 11/02/2014

Wie op een toneelschool voor veertien tot zestienjarigen zit, overwint zijn schaamte. Als je al die ogen die op je gericht zijn, steeds in je nek voelt, kom je niet ver. Daarbij kom je tijdens oefeningen, repetities en voorstellingen regelmatig in zones van nabijheid die je ergens anders niet zo snel betreedt.
Toneelspelen, acteren, is jezelf en elkaar ontmoeten op grenzen. En soms ga je daar overheen.
Zoals Jasper. In de euforie na een geslaagd optreden had hij Marion bij een lichaamsdeel gevat, waar menig jongenshart verlangend naar uitgaat, maar waar je zonder enige mate van instemming af hebt te blijven. Marion reageerde door Jasper met vlakke hand vol in zijn gezicht te meppen. Improvisatietheater in optima forma...
Jasper was zijn escapade eigenlijk al vergeten toen Gijs, de directeur van de toneelschool, hem kwam vertellen dat Marion haar ouders hadden gebeld. Ze waren geschokt en vonden dat er wat gedaan moest worden. Ook bij de meiden was er veel onrust.
‘Ik ben er niet gelukkig mee, Jasper’, zei hij; ‘’t Is vervelend voor Marion en haar ouders en ook voor de andere meiden. Op deze manier wordt het allemaal toch een stuk onveiliger en minder prettig. En zelf ben ik er ook niet gelukkig mee; als dit soort geintjes een eigen leven gaat leiden, kost het mij klanten.’
‘Ja’ zei Jasper, bedremmeld, ‘maar het is toch opgelost?’
‘Voor mij nog niet, zei Gijs, ‘Ik wil niet dat dit soort dingen gebeurt en van mij wordt verwacht dat ik laat zien dat wij hier op een goede manier mee omgaan. Ik moet wat; Ik kan je schorsen of zo, maar daar dat werkt uiteindelijk van geen kant. Heb jij een idee?’
‘Ik kan Marion mijn excuus aanbieden, maar dat heb ik in feite al gedaan.’
‘Dat klopt’, antwoordde Gijs, ‘maar als dat het enige is, is dat te weinig. Het is niet alleen iets tussen Marion en jou, maar gaat het ons allemaal aan. Wat vind je ervan om samen met Marion en mij een gesprek te hebben, waarin jij haar officiëler dan je al hebt gedaan nog een keer je excuus aanbiedt en vraagt wat je kunt doen om te laten zien dat het je menens is? En daarna wil ik dat jij, op een manier die voor Marion oké is, anderen verslag doet van jullie gesprek.’ Jasper, die niet echt het idee had dat hij een keuze had, knikte. ‘Ik ga dan eerst vragen of Marion en haar ouders voelen voor zo’n gesprek met ons drieën’, zei Gijs. ‘Misschien dat haar ouders daar bij willen zijn, maar dat horen we dan wel weer’.
Tot zijn opluchting vonden Marion en haar ouders een gesprek onder zes ogen prima. Jasper bood daarin nogmaals zijn excuus aan en Marion, vertelde dat het incident haar eigenlijk veel meer had gedaan dan ze liet blijken. Ze voelde zich onzeker en wist ook niet goed meer hoe ze nu met Jasper moest omgaan. Ze vond hem eerst een leuk mannetje, maar nu wist ze het allemaal niet meer zo. Na een kwartiertje zaten ze samen met tranen in de ogen. Daar mocht het wat hen betreft bij blijven; graag zelfs. Gijs dacht daar anders over. ‘Ik zou het mooi vinden als jullie anderen laten weten dat jullie het op een goede manier hebben afgerond. Zaterdag hebben we weer repetitie en dan zijn we er allemaal. Jasper, zou jij dan willen vertellen dat jullie er samen zijn uitgekomen?’
‘Waar iedereen bij is ….?’, vroeg Jasper geschrokken.
‘Wat mij betreft wel’ zei Gijs, ‘zeker als je daarbij de anderen laat zien dat het aanbieden jou beslissing is, en niet iets dat je door anderen is opgelegd. En dan zou het helemaal mooi zijn, als we er iets tastbaars naast zetten. Herstelrecht heet dat’.
Marion had wel een idee. ‘Bij de Xenos hebben ze vliegenmeppers, in de vorm van handjes en die kosten drie keer niks. Geef iedereen zo’n ding en zeg dat ze die vooral niet moeten meenemen naar de toneelschool: ‘Handjes thuis, en als je dat niet lukt, kun je een mep verwachten.’
‘Dat vind ik niks’ zei Jasper. Hij wist iets beters: ‘Ik ben naar de musical van the Jersey Boys geweest. Daar zongen ze het nummer ‘My eyes adored you’. Als jij nu één zo’n vliegenmepper aan mij geeft, dan play back ik voor jou dat lied.
En zo schalde zaterdagochtend om half elf over het podium en door de zaal:


"My eyes adored ya
Though I never laid a hand on you
My eyes adored ya
Like a million miles away from me you couldn't see how I adored ya
So close, so close and yet so far."

Voor meer De Koning van Wezel columns ga naar: Publicaties > Columns